Tag Archives: Maradona

Johan Cruijff deed ‘gewoon’ wat in hem opkwam

26 Mrt

Hoe duid je genialiteit, van een voetballer nog wel? Het is bijna onmogelijk in woorden uit te drukken waartoe een voetballer in staat is die genialiteit wordt toegedicht. Wat is dan die bijzondere begaafdheid die hem boven andere voetballers uittilt? Het is meer dan talent, het is iets waar zintuigen geen vat op krijgen.

Zo verging het mij toen ik Alfrédo Di Stéfano zag, Pelé en de andere Brazilianen zoals Garrincha, Didi, Rivelino, Gerson. En Faas Wilkes. En later Johan Cruijff, Diego Maradona, Zinédine Zidane, Lionel Messi en Cristiano Ronaldo. Voetballers die op een voetbalveld iets doen wat geen trainer je kan leren. Vergelijkbaar met basketballers als Michael Jordan, boksers als Muhammad Ali en golfers als Tiger Woods, voordat diens verstand de boventoon ging voeren. Het is niet te evenaren, laat staan te overtreffen, hoe graag je dat als voetballer ook wilt – altijd op de zoektocht naar nieuwe bewegingen, nieuwe trucs, nieuwe acties, nieuwe, nog niet uitgevoerde voorstellingen.

Tekening Siegfried Woldhek, uit mijn bundel Sportportretten op Maandag (2002)

Tekening Siegfried Woldhek, uit mijn bundel Sportportretten op Maandag (2002)

Doe geen moeite om genoemde voetballers met elkaar te vergelijken. Ze zijn allemaal verschillend – en toch buitenaards (om een wanhopige poging tot duiding te doen). Laten we ons beperken tot Johan Cruijff, een blanke Nederlander nota bene, geboren en gevormd in een land waar elastische, louter op gevoel en door intuïtie gestuurde lichamen  – vanuit mogelijk calvinistisch standpunt  – zeldzaam zijn. 

Hij deed wat in hem opkwam, op het voetbalveld en daarbuiten. Hij volgde zijn gevoel, probeerde anderen ervan te overtuigen dat ook te doen – en speelde zoals spelen bedoeld is. Plezier, daar gaat het om. Pas op voor je verstand, anders raak je in verwarring. Doe wie je van nature bent en analyseer waarom je dat doet: wat gebeurt er met je als je de Cruijffiaanse dan wel de Messiaanse bewegingen uitvoert – of die van Jordan, Ali en Woods?

Flow is een begrip dat tegenwoordig steeds meer aantrekkingskracht oproept in de sport. Het is een mentale toestand, medio jaren zeventig in het boek Flow, psychologie van de optimale ervaring na empirisch onderzoek al uitgekristalliseerd door Mihaly Csikszentmihalyi, een Amerikaans-Hongaarse psycholoog. Kijk naar beelden van Cruijff en je weet wat hij bedoelt. Een activiteit waarin je volledig opgaat in je bezigheden. Als in een voortdurende stroom (roes) waarin je wordt meegevoerd. Mensen kunnen in de staat van flow boven zichzelf uitstijgen, en sneller leren en nieuwe inzichten verkrijgen.

Cruijff deed niet zo moeilijk over zijn vermeende genialiteit. Hij deed het gewoon (flow?) en liet je als medespeler of later toen hij coach was, voelen wat er gebeurde als je zó bewoog, zó draaide of zó de bal speelde. Velen begrepen hem, velen niet. Het is lastig als genie om gewone stervelingen te overtuigen van hun mogelijkheden. Doe zo en zo en je ziet een opening. ,,Nee, Johan, ik zie het niet. Ik niet, ik ben maar een gewone sterveling.” Zo moet het veel gewone stervelingen zijn vergaan.

In zijn boek Lof van de sport schrijft Hans Ulrich Gumbrecht (Duits-Amerikaanse filosoof, socioloog en hoogleraar aan Stanford University) in een ‘esthetica van de atletische prestatie over zijn fascinatie’ van de sportman die hij zojuist heeft bewonderd: ‘Uren later, als je van het stadion naar je auto loopt, uitgeput zoals je die week nog niet eerder bent geweest, zul je hieraan terugdenken als een moment van onwankelbaar geluk. Opnieuw zal die mooie manoeuvre ertoe leiden dat je borst opzwelt en je hart sneller gaat kloppen, maar nu zonder de nervositeit van daarstraks. In je herinnering zie je dat spelmoment weer ontstaan, en terwijl je het vast wilt houden, trekt er een rilling door je beenspieren, alsof ze gestalte willen geven aan wat jouw held een uur heeft volbracht.’

Mooi en herkenbaar beschreven. Zijn beleving gold niet de performance van Johan Cruijff, maar die van zijn eigen idolen: Michael Jordan, Pelé, Jesse Owens, Akebono, Maradona, Zinédine Zidane, Joe Montana of Egon Loy. Iedereen laat in zijn verafgoding wierookstokjes gloeien naar eigen geur, kleur en voorkeur.

Flipper, zo noemden ze Cruijff. Aldus oud-Ajacied Henk Groot in 1966, vlak nadat ‘Johan’ als tiener werd toegevoegd aan de selectie van het eerste elftal van Ajax. ‘Hij is altijd aan het woord. Je kunt geen onderwerp aansnijden of Cruijff praat mee’, zegt Groot in Wie is Johan Cruijff? Insiders duiden het orakel, maar Cruijff zelf het laatste woord (2007, Mik Schots en Jan Luitzen). ‘Hij heeft ongelooflijk veel praatjes. Onder mekaar kunnen we het best hebben, want hij is een doodgoeie jongen… Maar al dat praten is een onderdeel van zijn beweeglijkheid. Als je naar hem kijkt, is hij in beweging, hij duikt in elk gat, hij zwaait met zijn armen, hij loopt naar links en rechts en geeft iedereen een wijze raad. Hij kaffert mij ook rustig uit, maar daar moet je niet zo zwaar aan tillen. Het gaat allemaal in het heetst van de strijd.’

In het heetst van de strijd zag Cruijff ruimtes, openingen en mogelijkheden. Hij creëerde ze zelf, of wees anderen erop. Hij geloofde in zijn inzichten – door zeer weinigen liet hij zich van het tegendeel overtuigen. In hetzelfde boek zegt Cruijff: ‘Ik denk niet dat je leider wordt, ik denk dat het een automatische schifting is. Het is een samengaan van de verantwoordelijkheid naar je toetrekken en de verantwoordelijkheid die ze je geven. Er ontstond dan zoiets van dat ze zeggen: Doe jij dat maar.’ En verder: ‘Leider worden is een karaktertrek. Misschien meer een soort egoïsme.’

Het karakter van Cruijff is net zo moeilijk te doorgronden als zijn spel dan wel denkpatronen. ‘Relativeren? Nee, dat zit niet in mijn karakter.’ En: ‘Rancune is de beste motivatie’. Hij genereert zelf de druk die hij nodig heeft om te kunnen presteren. Het is vaak omschreven als het conflict-model, gehanteerd door Cruijff, dat mensen tot nieuwe uitdagingen leidt.

Je zou bijna zeggen: Cruijff doet maar wat, hij doet wat in hem opkomt, oorspronkelijk, niet gestoord door andere reflecties. Dat was het niet – en toch wel. Jorge Valdano, voormalig Argentijns international (ten tijde van Maradona), voormalig technisch directeur van Real Madrid, schrijver en dichter schreef: ‘De basis van zijn talent was het bedrog. Hij holde hard omdat hij ging stoppen, hij stopte omdat hij ging rennen, hij deed alsof hij een pass ging geven of een schijnbeweging ging maken, hij begon een schijnbeweging omdat hij een pass ging geven, hij keek naar links om een oplossing op rechts te zoeken.’

Een vriendin van zijn vrouw Danny zei eens: ‘Aan Johans benen kon je van achteren goed zien, aan zijn loopje, dat hij twee kanten op kon gaan.’

Ik liep einde jaren negentig in Manchester achter Johan en zijn vrouw – hun zoon Jordi speelde destijds bij Manchester United. Ze stapten uit een taxi en liepen naar een markt. Niemand reageerde – hoewel er wel werd gefluisterd. Ik zag vóór mij zijn benen. Ik zag zijn armen die naar een bepaalde marktkraam wezen. Ik zag zijn benen lopen, zijn armen bewegen, zijn vrouw reageren en voegde me uiteindelijk bij het echtpaar. Johan was allerminst verrast toen ik hem aanklampte – zo was hij, nooit verrast, altijd levend in het moment. Óf de man die deed of hij nooit verrast was.

Hij beantwoordde mijn begroeting met: ‘Hoi’. Niet meer en niet minder. Gewoon zoals stervelingen dat onder elkaar doen. Danny zei: ‘Hallo’ – en nam wat afstand. Ik liep naast Johan Cruijff, een gewoon mannetje eigenlijk in wie ik echt geen heilige herkende. In tegenstelling tot het gevoel dat ik bij mijn ontmoeting met Michael Jordan in 1992 in Chicago had – vooral na diens stevige handdruk en de directe blik waarmee hij mij in de ogen keek én in mijn hart. Wat een man! Kippenvel, nog steeds als ik eraan terugdenk. Dat heb ik bij mijn ontmoetingen en gesprekjes met Johan nooit gehad.  Johan was Johan, altijd en overal. Niks bijzonders.

Zomaar uit het niets zei Cruijff tijdens de wandeling in Manchester: ,,Zie je die mensen hun spullen verkopen. Ze geloven in wat ze aanbieden.’’ Of dat iets met zijn voetbal te maken had? ,,Misschien, ik doe wat ik doe, de een noemt mij een balletdanser, de ander een hork. Nou ja, het is toch gewoon wie je bent. Fijn dat je hebt genoten van mij. Genieten van een ander. Kijken wat een ander kan. En dat is altijd meer dan je dacht.’’

Dit is een uitgebreide versie van het artikel dat op 25 maart 2016 is verschenen in de bijlage van NRC Handelsblad bij het overlijden van Johan Cruijff

Is Lionel Messi dan toch ook maar een mens?

14 Jul

Dit is de twaalfde en laatste aflevering in de serie Wereldbekerbrieven over spelers, scheidsrechters, coaches en supporters (mensen die zich op het WK onderscheiden door sportief maar ook door onsportief gedrag). De Belgische sociaal betrokken voetbaljournalist Raf Willems en ik voeren een briefwisseling voor de website De Aanvoerders. (http://www.deaanvoerders.nl/nieuws)

messi finale

Vriend Raf,

In deze dagen van opportunisme, snelle meningen en ronkende krantenkoppen denk ik aan jou, jij daar op de fiets met je geliefde op weg van Praag naar Dresden. In stilte genietend van het Duitse landschap en heimelijk van de triomf van het Duitse voetbal. Het Duitse voetbal, door jou uitentreuren met nuance verklaard en uitvoerig beschreven in je boek ‘Het Mannschaftswunder. Waarom de Duitsers de besten zijn’ (2012, Arbeiderspers), dat hopelijk nu eindelijk in Nederland en België serieus wordt genomen en gretig aftrek vindt.

Ik denk aan jouw bescheidenheid, een karaktertrek die in deze dagen van kortzichtige superlatieven, onbeschaamde borstklopperij en loze kreten als trots, aangenaam aanvoelt en mijn hoofd weer tot rust brengt. De bescheidenheid die mij doet denken aan Lionel Messi. Ook een man van weinig uitgesproken woorden. Een man die het liefst met een bal speelt, zoals jij met woorden en gedachten.

Tot zover mijn veronderstelde overeenkomsten tussen Messi en jou. Meer is er niet, vermoed ik. Waarom over Messi? Omdat hij mijn laatste aanvoerder is in deze briefwisseling. Omdat ik graag meevoel met mensen die om een of andere reden niet het uiterste uit zichzelf kunnen halen en hun ultieme doel niet bereiken. En nog meer: zo begenadigd zijn, zo verheerlijkt en aanbeden, zo vaak uitgeroepen tot het beste wat voetbal heeft voortgebracht – en dan toch net niet. Het zal je maar overkomen.

Heilig worden verklaard en dan bijna onvermijdelijk ook zelf gaan geloven dat je heilig bent. En dan toch niet het hoogste doel bereiken. Niet wereldkampioen worden, niet op z’n minst de evenknie worden van Maradona of andere voorgaande grootmeesters van het voetbal. Zoals Pelé en Zidane, die net als Maradona wel wereldkampioen werden.

Ik was toch heilig? Ik zou toch wereldkampioen worden? Ik zou toch mijn volk geven waar het nood aan heeft? Ik was uitverkoren, The chosen one. En nu overkomt mij dit. Het lukt me niet meer, het is alsof mijn geest en mijn lichaam het niet meer kunnen opbrengen. Is het voorbij? Ben ik dan toch een mens?

messi triest
Hopelijk hebben de juryleden die de beste voetballer van het WK moesten kiezen, uit humane overwegingen Messi willen eren en hem daarom de gouden bal geschonken. Om aan te geven dat roem vergankelijk is en dat voetbalsterren ook mensen zijn.

De jury is de zogenaamde FIFA Technical Study Group, oftewel TSG. De groep analyseert (zie de website van de FIFA) al ‘ruim veertig jaar wedstrijden op internationale toernooien en signaleert de nieuwste trends uit de sport’. Ze wil het voetbal ‘structureel verbeteren’ en maakt regelmatig rapporten voor de FIFA, die de wereldvoetbalbond weer deelt met voetbalbonden ‘voor trainings- en educatiedoeleinden’.

Aan het hoofd van de groep staat Jean-Paul Brigger, oud-international van Zwitserland en in 1992 verkozen tot speler van het seizoen in de Zwitserse competitie als speler van FC Sion. Naast Brigger telt de groep nog dertien leden. Bekendste naam is Gerard Houllier, de Franse trainer die in 2001 met Liverpool de UEFA Cup won. En dan is er Sunday Oliseh. De Nigeriaanse oud-prof speelde onder meer bij Ajax en kwam voor Nigeria uit op het WK in 1994 en 1998.

Ook zetelen oud-internationals als Theodore Whitmore (meer dan 100 interlands voor Jamaica), Jaime Rodríguez (50 interlands voor El Salvador), Kwok Ka Ming (96 interlands voor Hongkong) en de Soedanese coach Abdel M. Hussein in de TSG.

Mijn boodschap, hopelijk ook van de studiegroep van de FIFA: dat menselijke gaven niet langdurig en grenzeloos zijn. Natuurlijk wil iedereen die zich heeft laten meeslepen in het voetbalfeest alleen erkenning voor de beste. Zoals velen impulsief roepen dat dit WK het beste toernooi aller tijden was. Hoezo? Niet de afschuwwekkende schoppartijen en gruwelijke overtredingen gezien? Nog zelden vertoond. Niet alle voorgaande 19 WK’s gezien? Ach ja, ik roep ook als ik weer een orgasme krijg: de beste, nog nooit zoiets meegemaakt.

Arjen Robben, Toni Kroos, Bastian Schweinsteiger of anderen waren mogelijk de beste. Maar juist Lionel Messi verdient erkenning vanwege zijn menselijkheid. Hij is dus niet onsterfelijk. Dat is allerminst een troost voor hem, alleen een harde confrontatie met zichzelf.

Als de rook om ons hoofd is verdwenen zullen we mogelijk weer helder kunnen zien en denken. Zoals Jogi Löw dat is blijven doen. Een coach, die door ons, Raf, herhaaldelijk is aangeduid als een man met realistische visie en missie. Geen man van grootspraak, geen man die voortdurend openlijk om erkenning vraagt en anderen de les leest of beschuldigt. Zoals Lionel Messi, ook geen man van grootspraak, ook geen man die voortdurend openlijk om erkenning vraagt en anderen de les leest of beschuldigt. Bescheiden mensen dus.

Gewoon, mensen die het beste uit zichzelf willen halen. Maar de ene keer lukt het, de andere keer niet. Zo zijn we toch allemaal, Raf? Zo gaat het in het leven, zo gaat het in voetbal. Het komt zoals het komt. Dat maakt het leven zo waardevol en voetbal zo opwindend.

Om met een boeddhistisch getint gezegde te eindigen: de zin van het leven is het leven zelf.

Heel veel dank voor je brieven, Raf, ik heb ze als wijze lessen ervaren.

Warme groet,
Guus

Eerder verschenen:
10 juli http://www.deaanvoerders.nl/nieuws/69 (Philipp Lahm, mondig en sociaal betrokken)
8 juli http://www.deaanvoerders.nl/nieuws/68 (Hopen op Das schöne Spiel van Jogi Bonito)
6 juli http://www.deaanvoerders.nl/nieuws/67 (Het Maracana van de favela)
30 juni http://www.deaanvoerders.nl/nieuws/66 (Smeken om bescherming)
27 juni http://www.deaanvoerders.nl/nieuws/65 (De verboden kus van Iraanse supporters)
24 juni http://www.deaanvoerders.nl/nieuws/64 (Bakary Gassama)
21 juni http://www.deaanvoerders.nl/nieuws/63 (Serey Die)
19 juni http://www.deaanvoerders.nl/nieuws/62 (Chileense supporters)
17 juni http://www.deaanvoerders.nl/nieuws/61 (Mario Balotelli)
16 juni http://www.deaanvoerders.nl/nieuws/60 (Vicente Del Bosque)
13 juni http://www.deaanvoerders.nl/nieuws/59 (Xavi)

%d bloggers liken dit: