Archief | Play the game RSS feed for this section

WADA, een muis die brult

27 Okt

Vanzelfsprekend is in Aarhus tijdens het congres Play the Game, dat deze week voor de negende keer wordt gehouden, doping een van de belangrijkste thema’s. Naast corruptie op het sportveld en in de bestuurskamers, en naast match fixing, machtsmisbruik en andere vormen van overschrijdingen van regels en ethiek. Herman Ram mocht als directeur van de Nederlandse Dopingautoriteit zitting nemen in een sessie met Dick Pound, voormalig directeur van het werelddopingagentschap WADA. Vorderingen in de strijd tegen doping worden zeker gemaakt, wilde Ram laten weten, in tegenstelling tot wat hier en daar vooral door wetenschappers wordt beweerd.

Herman Ram (foto Thomas Søndergaard/Play the Game)

Herman Ram (foto Thomas Sondergaard/Play the Game)


Stuck in the mud or going fast forward, zo noemde Ram zijn presentatie. Liefst 1216 pagina’s regelgeving telt de antidoping-code van WADA. Meer regels zijn er niet nodig, zo goed zit de internationaal gebundelde strijd tegen sporters die door middel van doping vals spelen écht wel in elkaar, probeerde Ram zijn gehoor gerust te stellen. Het is meer de vraag hoe effectief de antidopingstrijd is. Dat moet gemeten worden. En hoe ontmoedigend werkt het antidopingbeleid? Nog meer geld? Er wordt nu al voor in totaal 300 miljoen dollar aan controles uitgegeven. Ter vergelijking: Lance Armstrong vergaarde in zijn carrière 150 miljoen dollar. Daarmee wil Ram aangeven dat je de strijd tegen doping wel in perspectief moet blijven zien. ,,Laten we in vredesnaam niet doen alsof antidoping een grootmachtig, overgefinancierd orgaan is, dat overal zijn tentakels heeft. Welnee, we zijn een piepkleine niche binnen een enorme sportwereld waarin miljarden omgaan.”

Nog meer testen? Ram verwees naar de statistieken, dat er naar schatting 1.750 ‘intentional’ sporters worden betrapt op doping, slechts 1% van het aantal controles dat wordt uitgevoerd. Veel overtreders komen er dus mee weg. Harde cijfers over hoeveel dope er echt wordt gebruikt en wat de reële pakkans is, ontbreken. Ram: ,,In Nederland hebben we de afgelopen jaren enig prevalentie onderzoek gedaan. Daaruit blijkt dat het gebruikspercentage onder Nederlandse topsporters 4.2% is – dat is de beste wetenschappelijke schatting die we op dit moment kunnen geven. Dat is dus vier keer zoveel dan wij ‘vangen’. Het is dus absoluut duidelijk dat een aantal sporters er onbestraft mee weg komt. Is dat vreemd? Dan vraag ik: heb je enig idee van het percentage van het aantal inbraken dat wordt opgelost? Dat is hoger dan 1% maar ook extreem laag.”

Het is nog niet bekend hoeveel sporters precies gebruiken en hoeveel er uiteindelijk betrapt worden. Er is dus nog veel werk te verrichten, aldus Ram. ,,Probleem daarbij is dat je er niet komt door steeds zwaardere maatregelen te nemen, door steeds meer sporters in een biologisch paspoort te stoppen en nog meer data te verzamelen. Daar is gewoon een grens aan, alleen al financieel. Het moet dus op een andere manier en dan kom ik op een volgende vraag: schrikken we af? Die vraag is cruciaal want al die controles moeten er ook toe leiden dat mensen besluiten níet te gebruiken. Dan hoeft het ook helemaal niet erg te zijn als controles maar 1% betrapten opleveren, want die andere 99% hebben ook hun effect.”

In Nederland is onderzoek gedaan naar het afschrikwekkende werking van dopingcontroles, zeker bij wielrenners. Ram: ,,Globaal kun je drie groepen onderscheiden: renners die er zo nerveus van worden dat ze zeiden: ‘Ik slik niet meer, ik had voortdurend het gevoel dat ik tegen de lamp ging lopen. Ik kan daar niet tegen en ben gestopt’. Anderen zeiden: ‘Ik liet me vertellen wat opspoorbaar was en gebruikte wat niet opspoorbaar was. Of ik gebruikte zo weinig dat ik niet gepakt kon worden.’ En dan had je nog het type diehard dat zegt: ‘Ik zal altijd blijven gebruiken als ik daar voordeel bij denk te hebben’. Dat type zal dus altijd blijven zoeken naar mogelijkheden en beschikbaarheid, ook als dat meer risico’s of andere nadelen met zich mee brengt. Dat is het beeld dat globaal naar voren kwam, maar dat ik niet in cijfers kan vatten, want die informatie is er niet.”

En dan is er volgen Ram nog het fenomeen ‘verdacht’. Bij 750 sporters werden vorig jaar verdachte bloed- en urinewaarden waargenomen. Het bewijs dat ze doping gebruikten was niet te leveren. En dan waren er nog de sporen her en der van cannabis of voedingssupplementen, die niet als stimulerend middel worden ervaren. En toevallige sporen in urine en bloed. “Domheid is geen overtreding.” Vandaar zijn roep om nog meer onderzoek.

Dick Pound (Foto Thomas Søndergaard/Play the Game)

Dick Pound (Foto Thomas Søndergaard/Play the Game)


Pound stelde zich in zijn eigen voordracht als vanouds weer streng op, zoals de 73-jarige Canadese jurist en lid van het IOC die al sinds hij aan de basis (in 1999) stond van het WADA, gewend is te doen. Hij noemt overtreders van de dopingregels net niet crimineel, al brandt deze kwalificatie hem op zijn lippen. Ook nu weer benadrukte hij dat “het probleem rond doping groter is dan mensen weten, ja, zelfs vrezen. We hebben het wel over vals spelen in sport, waar het om sportiviteit en integriteit gaat. Er gaat steeds meer geld om in sport, het prijzengeld gaat steeds meer omhoog, er is een groei van criminalisering, van criminele organisaties, van handelaren. Daarom moet deze strijd serieus genomen blijven worden.”

Zo serieus dat het IOC van plan is in de toekomst dopingcontroles onafhankelijk van sportbonden te laten uitvoeren. Het WADA moet de verantwoordelijkheid krijgen voor het alle tests wereldwijd. IOC-voorzitter Thomas Bach liet dat vorige week na afloop van een IOC-congres in Lausanne tot verrassing van betrokkenen, zoals Ram, weten. “In het kader van de geloofwaardigheid van de sport en de bescherming van zuivere atleten zou dat een grote stap voorwaarts betekenen”, aldus Bach. Tot dusverre wordt een deel van de dopingcontroles uitgevoerd onder verantwoordelijkheid van sportbonden en organisatoren van sportwedstrijden.

Ram: ,,Dat noem ik een revolutie in de dopingbestrijding. In de media is dat nieuws in niet meer dan een paar regels in de kortkolom gepubliceerd. Terwijl het groot nieuws is. Het zal nog wel even duren. Maar het betekent wel dat de respectieve internationale sportfederaties zich dan verder kunnen richten op andere zaken. Dat kan ook in de financiële middelen schelen.” De strijd wordt heftiger, gaf Ram na afloop van zijn voordracht toe. “Misschien voor de sporters dreigender. Mogelijk zal dat de strijd tegen doping nog verder vooruit helpen. Het beeld bestaat nu dat de antidopinggemeenschap een monster is. Er werken nog geen 2.500 man. Dat is piepklein in de grote sportwereld. Ik reken de controleurs niet mee, de vrijwilligers en onbetaalde functionarissen.”

Ram in zijn toelichting op zijn voordracht: ,,Iedereen roept zo makkelijk dat het allemaal niets is, dat het anders moet, maar niemand die de moeite neemt naar de feiten te kijken en al helemaal niemand komt met een behoorlijk alternatief. Dus wilde ik duidelijk maken waar we na vijftien jaar wereldwijd antidopingbeleid, want zolang bestaat WADA, nu eigenlijk staan. En dan is mijn conclusie dat we met relatief beperkte middelen ten aanzien van het probleem waartegen we geacht worden iets te doen, best veel bereikt hebben. We gaan eerder snel vooruit dan dat we in de modder zijn blijven steken.”

Of het niet een idee is om sporters die ‘clean’ hebben gewonnen een extra prijs te geven, werd vanuit de zaal door een vertegenwoordiger van een cricketbond geopperd. Meteen na afloop zeggen: ‘ik ben clean’. Leuk, maar….. Pound: “Het is jammer dat het begrip klokkenluider zo’n negatieve klank heeft gekregen. Het is juist positief dat sporters hun ervaringen met doping delen. Dat helpt de sport vooruit.”

Dit is de eerste aflevering van een serie over het Play the Game Congres in het Deense Aarhus, waar Sport&Strategie deze week exclusief verslag van doet. Tijdens dit congres komen alle grote thema’s uit de sport als doping, bestuur en management en matchfixing voorbij. Meer informatie over dit congres op PlaytheGame.org

Organisator Winterspelen Vancouver beschuldigd van geweld en seksueel misbruik van schoolkinderen

5 Dec

furlong
John Furlong, de gedreven, immer stralende, nu 63-jarige voorzitter van het organisatiecomité van de Winterspelen 2010 in Vancouver, heeft iets uit te leggen. Vooral aan veel kinderen die hem in het verleden als sportleraar hebben meegemaakt. De onafhankelijke Canadese journaliste Laura Robinson ontdekte na grondig onderzoek dat Furlong jarenlang (eind jaren zestig, begin jaren zeventig) kinderen van de oorspronkelijke Canadese bevolking (First Nations, Indianen dus) heeft geslagen en seksueel misbruikt – ten einde de kinderen (de blanke) mores te leren.

Robinson, een gelauwerd onderzoeksjournaliste, publiceerde haar eerste verhaal over het wangedrag van Furlong in september 2012 in Georgia Straight, een weekblad in Vancouver. http://www.straight.com/news/john-furlong-biography-omits-secret-past-burns-lake. Ze voerde daarin een groot aantal getuigen op. Bovendien had zij ontdekt dat Furlong heeft gesjoemeld met data over zijn afkomst (Ierland) en zijn emigratie naar Canada. Furlong ontkent en wordt daarin gesteund door de belangrijkste Canadese sportorganisaties, die geen reden zien om aan de integriteit van de eminente voorzitter van Vancouver 2010 te twijfelen en niet hun eigen beoordeling en bewondering ten aanzien van Furlong aan een nader onderzoek te onderwerpen.

De Canadese sportautoriteiten slaan zich liever op de borst over de organisatie van de Winterspelen in Vancouver en prijzen vooral Furlong om zijn bevlogenheid, zoals hij die in zijn autobiografie Patriot Hearts uitvoerig en met veel egostrelingen beschrijft. Furlong is niet voor niets voor zijn werk als organisator veelvuldig onderscheiden: Officer of the Order of Canada (May 6, 2010), Order of British Columbia (2010), Olympic Order (2010), Paralympic Order (2010). Hij maakt in zijn boek nog eens duidelijk hoe hij de First Nations (de oorspronkelijke bewoners) bij de Spelen heeft betrokken en als sportleraar op een katholieke kostschool goed missiewerk heeft verricht.

Robinson kwam er achter dat Furlong al vijf jaar eerder in Canada werkzaam was dan hij in zijn boek aangaf. Eén van de vele leugens, aldus Robinson. Hij noemde nergens de naam van de school waar hij in Canada gedurende die periode werkzaam was geweest. Ze werd vervolgens getipt door een vertegenwoordiger van de First Nations, waarna zij haar onderzoek begon en steeds meer wrange details over Furlongs verleden in Ierland en als sportleraar in Canada vond. Onderzoek van Robinson leerde dat hij op Prince George College het sportprogramma leidde. Op de Facebookpagina van de school vond zij oud-leerlingen waarop zij samen met Furlong stonden.

De Indiaanse kinderen die werden verplicht naar de katholieke missionarissenschool te komen verklaarden tegenover Robinson dat zij van school wegliepen, omdat zij mishandeld werden. De politie (Royal Mounted Canadian Police) had ze teruggebracht, waarna zij vervolgens door Furlong (lichamelijk) gestraft werden omdat ze tegen de politie hadden gelogen over mishandeling op school. Volgens Furlongs autobiografie speelde de Ier in zowel het nationale Ierse handbal- als basketbalteam, speelde tegelijkertijd Gaelic football voor Dublin en was hij coach van het nationale Ierse vrouwenbasketbalteam. En dat allemaal toen hij 23 jaar oud was? Onmogelijk, meent Robinson met overtuiging.

Furlong probeerde eerst Georgia Straight aan te klagen. Maar zag daar uiteindelijk vanaf. Nu jaagt hij op Robinson zelf en daagt hij haar voor de rechtbank. http://www2.macleans.ca/2013/02/16/the-woman-behind-an-olympic-war-2/. Robinson (een oud-amateurwielrenster http://www1.uwindsor.ca/womensstudies/system/files/Laura_Robinson_Biography.pdf), die artikelen en boeken heeft geschreven onder andere over vrouwen en seksualiteit in de sport, over seksueel misbruik bij jongens in ijshockey (Crossing the line) en over racisme in basketbal, heeft voldoende belastende verklaringen in handen om Furlongs wangedrag te verduidelijken. Maar zij vreest de macht van de Canadese sportautoriteiten (zoals Own the Podium http://ownthepodium.org/Resources.aspx?lang=en-CA, het belangrijkste sportorgaan) en het Canadees Olympische Comité die geen oog hebben voor de trauma’s van een groot aantal ex-leerlingen van de katholieke school in Prince George en Burns Lake, waarop Furlong les gaf.

Drie ex-leerlingen hebben (tevergeefs) een aanklacht ingediend bij de politie, wegens seksueel misbruik van Furlong. Acht ex-leerlingen hebben een getekende verklaring afgegeven waarin zij hun vroegere sportleraar betichten van fysiek en verbaal geweld. Zoals jongens bij het ijshockey keihard met de stick op de rug slaan, kinderen bij de haren slepen, in het gezicht slaan, lijfstraffen, kinderen uitschelden voor ‘lazy indians’. Een groot aantal andere ex-leerlingen hebben anonieme verklaringen gegeven, anoniem mede omdat zij ondanks jarenlange psychotherapie nog altijd bevreesd zijn voor de machtige hand van Furlong.

Een paar weken geleden deed Robinson haar relaas in Aarhus tijdens Play the Game, een tweejaarlijks congres waarin de wantoestanden in de sportwereld (zoals matchfixing, gesjoemel met dopingregels door autoriteiten en controleurs, bevoogding en onderdrukking van topsporters, corruptie en omkoping bij IOC- en FIFA-officials rond de biddings en de organisatie van mega-evenementen, zoals Olympische Spelen en WK voetbal) werden belicht door wetenschappers en onderzoeksjournalisten (300 uit de hele wereld). Een dag voor haar presentatie probeerde een advocatenkantoor namens Furlong Robinson ervan te weerhouden de geschiedenis van de organisator van de Winterspelen weer te geven. De organisatie van Play the Game werd gedreigd met een rechtszaak als zij Robinson haar presentatie liet geven.

Jens sejer
Jens Sejer Andersen, de directeur van het congres, reageerde laconiek door terug te mailen dat de censuur in Denemarken al 150 jaar is afgeschaft. De dreigementen van de Canadese juristen haalden de Canadese media. Furlong mocht voor tv-camera’s zeggen dat hij door de verhalen van Robinson ,,door een hel is gegaan”. Hij ontkent alles. Robinson beschikt over tal van verklaringen die zij graag voor de rechtbank wil toelichten.

Intussen kan zij haar werk als freelance-journaliste niet uitvoeren, hangende de rechtszaak tegen haar. Zij kan als freelancer niet steunen op een journalistenverzekering. Robinson heeft daarom een fonds opgericht waarop sympathisanten een donatie kunnen geven. The Laura Robinson Defense Fund. http://www.huffingtonpost.ca/2013/12/03/laura-robinson-funding_n_4379938.html

Robinson attaqueerde in Aarhus nogmaals de Canadese sportorganisaties die zij verwijt achter deze man te blijven staan, of domweg erover te zwijgen, terwijl er tientallen mensen van First Nations met verbaal, lichamelijk en seksueel geweld zijn bejegend door Furlong. Ook de Canadese politie-autoriteiten (Royal Mounted Canadian Police) krijgen ervan langs omdat zij de aanklachten jegens de oud-sportleraar niet serieus hebben genomen, en nu zelfs de kant van Furlong kiezen.

Robinson_Laura2
Laura Robinson staat niet alleen in haar jacht op Furlong, omdat zij zich gesteund weet door vertegenwoordigers van de Indianen en door veel collega’s en vrienden van Play the Game. Maar zij ziet zich geconfronteerd met de allure en de macht van een nationale held, een man die in zijn almacht is gaan geloven. Een man die van zijn omgeving, de mensen die overtuigd zijn van zijn integriteit en in zijn licht hebben mogen meeschitteren, niet van zijn voetstuk mag vallen.

Zie verder: http://www.laurarobinsondefensefund.org

En: http://nebula.wsimg.com/a0050421df07e4dafd74d19f97bae74b?AccessKeyId=90D3837150F7A72C70F2&disposition=0&alloworigin=1

Dopingbestrijding weggegooid geld

7 Nov

Wanneer dopingtesten zo weinig resultaat hebben als nu, dan dient er meer en intensiever gecontroleerd te worden. Met die strijdkreet probeerde Dick Pound, IOC-lid en voormalig directeur van het Internationale dopingagentschap WADA, vorige week de toon te zetten tijdens de sportconferentie Play the Game in Aarhus, Denemarken. Niet alleen sportbonden maar vooral overheden moeten zich meer inzetten in de ‘oorlog tegen doping.’ Zo begon de Canadees de openingssessie van de vierdaagse bijeenkomst, waarbij ruim driehonderd wetenschappers, sportleiders en onderzoeksjournalisten uit de hele wereld aanwezig waren.
William_Bock
Pounds oproep kreeg bijval van Bill Bock (zie foto), de openbare aanklager van het Amerikaanse dopingagentschap USADA die Lance Armstrong op de knieën kreeg. Het duo vond elkaar in de beschuldiging aan sportbonden in het algemeen en de internationale wielerunie in het bijzonder dat ze te weinig initiatief nemen. Meer inzet, nog meer geld, nog meer controles is hun credo. Dat er ‘veel te weinig’ sporters worden ‘gepakt’ schreeuwt om een strengere aanpak.

Zowel Pound als Bock toonde zich een ware ‘crimefighter’. Sporters die dope gebruiken zijn misdadigers, zo klonk uit hun tirades. Bock glom nog van zijn geslaagde jacht op Armstrong, een jaar geleden. ,,Denk nog eens aan hoe renners als Floyd Landis en Tyler Hamilton als gevolg van het regime van Armstrong in een hotelkamer in de Pyreneneeën de dood in de ogen zagen door riskante bloedtransfusies.’’ Zo hield hij zijn gehoor voor. En: ,,Denk aan al die Nederlandse renners die dood in hun bed zijn gevonden.’’

Zo zoog Bock in zijn gezwollen tirade als een geboren demagoog uit zijn dikke duim – want dat is nooit gebeurd. Herman Ram, directeur van de Nederlandse Doping Autoriteit gaf na afloop toe dat Bock onzin uitkraamde, althans is dat nooit aangetoond. Maar hij hield zich tijdens de forumdiscussie op de vlakte.

De Duitse dopingonderzoeker van de Gutenberg Universiteit in Mainz, Perikles Simon, en de Amerikaanse leider van de internationale sportersbelangenorganisatie UNI, Walter Palmer, legden aan de hand van statistieken uit dat in het huidige onderzoeksysteem de kans op positieve gevallen vrijwel nihil is en zal blijven: een handvol positieve testen (vooral cannabis nota bene) per jaar op tienduizenden controles, die nota bene duizend dollar per bloedtest en 300 dollar per urinetest kosten. ,,Nog meer controles, nog meer geld is zinloos’’, verklaarde Simon. ,,Als we eindelijk in een laboratorium dichtbij het opsporen van een nieuw product zijn, is er al weer een nieuw product in omloop. De controles tijdens wedstrijden blijken ook nog vier keer zo effectief als controles buiten de wedstrijden. Waarom dan nog out-of-competition controles? Ze werken niet.’’

Er wordt per jaar ruim 300 miljoen dollar uitgetrokken voor dopingcontroles door WADA, wist Simon. ,,Weggegooid geld.’’

Maar Pound en Bock waren in de discussie niet te vermurwen. ,,Dus u wilt dat we stoppen met dopingtesten’’, beet Bock Palmer toe. En Pound: ,,Iedereen wil de straf reduceren. Waarom? De nieuwe, strengere WADA-code is al ontworpen, maar wordt helaas pas in 2015 bekrachtigd’’, zei Pound. ,,De sportbonden nemen hun verantwoordelijkheid niet. Ze ontkennen doping. Klokkenluiders als Landis en Hamilton worden door de bestuurders van de wielerunie nota bene als ‘klootzakken’, verraders dus, neergezet. In de teamsporten wordt helemaal geen actie ondernomen. Uit angst voor imagoverlies.’’

Bock: ,,Dankzij Pound is WADA gekomen, dankzij Pound zijn misdadigers als Armstrong gepakt. Hoe kunnen kinderen aan sport denken zonder dat ze aan chemische steun denken? Alleen strengere straffen en intensiever jagen op dopers heeft zin.’’

Herman Ram van de Nederlandse Doping Autoriteit probeerde in zijn betoog nuance aan te brengen. ,,Waarom wordt doping genomen? Hoe ontstaat een dopingsysteem? Er moet ook naar sociologische achtergronden worden gezocht en naar de criminaliteit van de handelaren.” Hij wees op de diversiteit in culturen en landen. De organisatie van Play the Game hoopte dat Ram uitleg zou geven over het recente Nederlandse onderzoek waarin veel wielrenners werden verhoord en schuld bekenden. Ram zei later: ,,Ik kan niets vertellen omdat het onderzoek nog niet is afgerond.’’

Gerhard Treutlein

Gerhard Treutlein


In een andere (doping)sessie van de conferentie in Aarhus kwamen vooral veel Duitse onderzoekers aan het woord. Professor Gerhard Treutlein van de Universiteit van Heidelberg (Zentrum für Dopingprevention) wees op het Duitse dopingprobleem dat al sinds de Tweede Wereldoorlog heerst en vooral door de rivaliteit tussen Oost- en West-Duitsland in omvang toenam. How the west answered to the East German doping practice: ,,Nadat de DDR door het IOC als olympisch lid werd toegelaten, wilde de Bondsrepubliek dat hun sporters sterker en sneller werden. Anabolen werden met medeweten, of zelfs advies van de overheid en artsen aan atleten en wielrenners toegediend. Iedereen in West-Duitsland wilde dat de Bondsrepubliek meer medailles behaalde dan de DDR. De politiek, de artsen, de onderzoekers, de media, het publiek, iedereen. De sporters werden onder grote druk gezet’’
doping
Treutlein toonde een schema van een olympische sporter, een amateurwielrenner. Daarop stonden de aanbevolen doses van middelen als anabolen, testosteron en zo meer. ,,Bij West-Duitse zwemmers werd lucht via de anus ingepompt om sneller te zijn. Wie weigerde of er over sprak kreeg 50.000 mark boete van de bond.’’

De Duitse onderzoeker wees op het gevaar van opgeblazen rivaliteit tussen landen. ,,Rivaliteit zet sportmensen aan tot ongeoorloofde middelen. Nationalisme en zelfs chauvinisme kan gevaarlijk zijn.’’

De Duitse olympische pistoolschutter Marcel Goelde, nu onderzoeker aan de Universiteit van Münster memoreerde aan de onmenselijkheid van out-of-competition-controles. ,,Ik moest omringd door vier mannen in een potje plassen en ze keken allemaal of mijn plas wel uit mijn penis kwam. Tijdens mijn onderzoek onder sporters vertelde een atlete dat ze bij het plassen een spiegel onder haar onderlichaam moest houden zodat de controleur kon zien of ze niet manipuleerde. Sportmensen zijn ook mensen en geen potentiële misdadigers, maar zo worden ze steeds meer behandeld.’’

De organisatoren van Play the Game willen vooral uiteenzettingen en discussies over misstanden in de topsport. Van matchfixing tot seksuele intimidaties, van fraude en corrupties bij sportbonden, van commercialisering tot racisme en homofobie. Van malversaties bij verkiezingen tot transparantie bij toekenning van titeltoernooien.

Play the Game, dat wordt ondersteund door het Deense Instituut voor Sportstudies, wil dat topsport op een eerlijke manier wordt bedreven. Dick Pound kreeg daarom de Play the Game Award, omdat hij het WADA heeft opgezet om doping te bestrijden. Niet iedereen kon zich vinden in deze keuze. Daarvoor is Pound te veel een crimefighter. Topsporters zijn mensen, en geen potentiële misdadigers. Aldus sportersvakbondsman Walter Palmer.

Play the Game: http://www.playthegame.org/home.html.

%d bloggers liken dit: